Den Aalshorst, Dalfsen
Omschrijving
De historische TUIN- EN PARKAANLEG (2) van Den Aalshorst bestaat uit een aantal karakteristieke componenten, te weten, het 17de- of 18de-eeuwse stelsel van lanen en waterwegen, de rechthoekige tuin met water omgeven ten zuiden van de huisplaats en de landschappelijke wandelbossen aan de oost- en zuidoostkant van de huisplaats. De tuin- en parkaanleg bevat de volgende elementen van historisch belang:
- het 18de-eeuwse Aalshorsterpad dat begint bij de in baksteen gemetselde en met natuurstenen vazen bekroonde hekpijlers aan de Heinoseweg en halverwege zich splitst met een haakse hoek in zuidelijke richting tot aan de bakstenen hekpijlers, eveneens aan de Heinoseweg. Het noordelijke deel van het Aalshorsterpad is vanaf de Heinoseweg tot aan de Voorwaterallee met zomereiken beplant. Het zuidelijke deel met beuken. Het Hoonhorsterpad is met Amerikaanse eiken beplant.
- De 18de-eeuwse Voor- en Achterwaterallee, die van oost naar west loopt en haaks op het huis is geprojecteerd. De Voorwaterallee en de Achterwaterallee staan in open verbinding met de omgrachting rond het huis via duikers. In de beginjaren van de 19de eeuw heeft de Voorwaterallee een slingerend beloop gekregen. De bermen langs de taluds van de Voorwaterallee zijn met bomen beplant. Aan de zuidkant loopt een slingerend pad. De rechte Achterwaterallee is in de 20ste eeuw bij het huis iets ingekort. Aan de westkant heeft deze allee een lepelvormige beëindiging. De Achterwaterallee heeft een beplanting van een enkele rij zomereiken. Aan het westelijke eind wordt de allee visueel afgesloten door een carré van lindebomen.
- De huisplaats met omgrachting en het daaraan grenzende L-vormige eiland, beide uit 1644. De waterloop rond de huisplaats is in de 19de eeuw gedeeltelijk golvend gemaakt. Op het L-vormige eiland staat een zonnewijzer op voetstuk.
- Het voorplein met zijn geometrische inrichting uit het begin van de 20ste eeuw, bestaande uit een vierkant middengazon, door buxushaagjes omzoomd, overigens grasperken met buxus omzoomd. Op de hoekpunten is de buxus in een ronde vorm gesnoeid. Midden op het gazon een beeld op sokkel en bij de ingang van het voorplein twee tuinvazen.
- De ongeveer rechthoekige tuin ten zuiden van het huis dateert waarschijnlijk uit 1644. De tuin is aan vier zijden door water omgeven. De tuin is in drieën verdeeld. Het noordelijk deel is een gemengde sier- en nutstuin met een grote collectie oude fruitrassen. In de siertuin slingeren paden zich rond de verschillende borders. In dit deel ligt een (inmiddels ovale, vroeger half spiegelboogvormige) vijver. Het halfopen houten tuinprieel onder zinken tentdak bij de vijver is in de jaren zestig van de 20ste eeuw verplaatst van de gracht bij de huisplaats. Aan de oostkant is als afsluiting een Thuyahaag en een Sitkahaag, aan de westkant een hoge beukenhaag ingeplant. Het middendeel is door bakstenen muren van de rest van de tuin afgescheiden. Dit deel is als moestuin en kweektuin in gebruik. Het zuidelijke gedeelte van de tuin heeft een symmetrische indeling met middenpad en twee ovale vijvers ter weerszijden en is als boomgaard met leifruit en vruchtbomen in gebruik.
- De vijvers ten oosten (één) en ten westen (twee) van de rechthoekige tuin. De drie vijvers maken deel uit van de geometrische aanleg van 1720 en vormden ooit een onderdeel van het tracé van de oude Marswetering. De grote vierkante vijver aan de westkant wordt Kooivijver of Kooiplas genoemd. De kleine is waarschijnlijk ooit tot eendenkooi vergraven. Sporen in het landschap wijzen daarop. Vanaf de Kooivijver loopt een slingerend laantje met beuken in westelijke richting. Aan het eind van het laantje ligt een met lindes beplante heuvel, het Hondenbergje. Vanaf het lindeprieel is een weids uitzicht over de weilanden met singels en een kolkbosje.
- Het 'Engelsche Werk', 400 meter ten oosten van de huisplaats, dat tussen 1765 en 1785 is aangelegd en is gesitueerd tussen de Voorwaterallee, de Heinoseweg en de Marswetering. Het is een parkbos met kronkelpaden die gedeeltelijk door eiken worden begeleid, een slingerende watergang, een rechte watergang ter begeleiding van een lindelaan en een grillig vormgegeven vijverpartij. De watergang is het achterste deel van de Marswetering die omstreeks 1775 landschappelijk is vergraven en aan het reeds bestaande Werk is toegevoegd. De cirkelgang van de paden om de vijver geven verschillende doorzichten te zien naar de oneindig lijkende slingeringen van het water.
- Het 'Domineesbosje' ten zuidoosten van de tuin, door een laan met het Engelsche Werk verbonden. Een landschapsparkje uit dezelfde tijd als het Engelsche Werk (1765-1785). Het bestaat uit een wandelbos met een slingerend padenpatroon.
Waardering
De TUIN- EN PARKAANLEG behorend tot de historische buitenplaats Den Aalshorst is van algemeen cultuurhistorisch en tuinhistorisch belang:
- wegens de aanwezigheid van 17de en 18de-eeuwse elementen in de aanleg als grachten, lanen, waterallees en de tuin ten zuiden van het huis
- wegens de aanwezigheid van twee landschappelijk, in de 18de eeuw aangelegde wandelbosjes, die onderling door een met Amerikaanse eiken beplante laan verbonden zijn
- wegens het karakteristieke lanen-, paden-, grachten- en vijverpatroon
- wegens de visueel-ruimtelijke context waarin de gebouwen een bewuste plaats hebben gekregen.
Monumenten.nl maakt u wegwijs in monumentenland
Alles over monumenten onder één dak.
Een monument kopen, onderhouden of verduurzamen? Hier vindt u alle informatie, inspiratie en praktische tips.
Locatie
Omschrijving van het complex
In structuur en detail gaaf bewaard gebleven historische buitenplaats DEN AALSHORST, bestaande uit een HOOFDGEBOUW (1), HISTORISCHE TUIN- EN PARKAANLEG (2), RECHTER BOUWHUIS (3), LINKER BOUWHUIS (4), TUINMANSHUISJE (5), TUINMUREN (6), KOUDE BAKKEN (7), TOEGANGSHEK EN BRUG (8), TOEGANGSHEKKEN (9), TUINORNAMENTEN (10), PRIEEL (11), VEESCHUUR (12a), KANTOORTJE (12b), KAPBERG (12c), STELTENBERG (12d), BOERDERIJCOMPLEX DE VELDINK (13a, 13b, 13c en 13d), BOERDERIJCOMPLEX DE HOF (14a, 14b, 14c en 14d), en BOERDERIJCOMPLEX (15a en 15b).
De historische buitenplaats wordt gekenmerkt door een hoofdgebouw met twee bijgebouwen temidden van een aanleg waarin zowel 17de- en 18de-eeuwse geometrische, als 19de-eeuwse landschappelijke elementen aanwezig zijn. Centrale elementen in de aanleg worden gevormd door het Aalshorsterpad met hekpijlers aan het begin en het einde. Het Aalshorsterpad begint bij de Heinoseweg en splitst zich halverwege met een haakse hoek en loopt in zuidelijke richting. Haaks daarop staat de Voor- en Achterwaterallee. Aan het eind van de Voorwaterallee en ten zuiden van de geometrisch ingedeelde tuin liggen twee landschappelijke wandelparken, het Engelsche Werk en het Domineesbosje. Ook het beloop van de grachten rond het huis is in de 19de eeuw in landschappelijke stijl gemodelleerd. Ten noorden van de huisplaats liggen twee boerderijcomplexen die historisch, fysiek en visueel nauw met Den Aalshorst zijn verbonden. Aan de zuidkant aan het begin van het Aalshorsterpad ligt naast de hekpalen een boerderijcomplex uit 1754.
Den Aalshorst ligt in het buurtschap Millingen, op de grens van de marke Lenthe en de marke Millingen op het punt waar beide marken samenkomen met de marke Dalmsholte. Belangrijk voor de buitenplaats is de waterhuishouding. Het gebied waarin de buitenplaats ligt wordt van water voorzien en ontwaterd door de (nieuwe) Marswetering. De watergangen en waterpartijen staan met elkaar in verbinding door oude houten duikers. De naam Veldinck of Aalshorst wordt voor het eerst in 1520 genoemd. Het was de benaming van een erf met boerderij dat (nog steeds) direct ten noorden van de huidige buitenplaats ligt. In 1641 werd het 'erve ende goet Veldinck offte Aelshorst' aangekocht door Jacobus Vriesen. Hij was stadssecretaris van Zwolle en markerichter van de marke Lenthe en in die hoedanigheid verbonden met de ontginning en bebossing van de gemeenschappelijke heidegronden. In 1644 bouwde het echtpaar Vriesen-Van der Beecke ten zuiden van de boerderij Aalshorst een ruime spieker met het karakter van een buitenhuis, met dezelfde naam als de boerderij. Hiermee volgde Vriesen de tendens van rijke burgers in de IJsselstreek om op één of meerdere van hun erven een klein landhuisje (spieker) te bouwen. Dalfsen kende een groot aantal van dit soort spiekers, die vrijwel zonder uitzondering eigendom waren van Zwolse patriciërs. Kleinzoon Jacob Vriesen werd in 1719 eigenaar. Vriesen, burgemeester van Zwolle, vond de spieker te klein. Hij liet deze, met uitzondering van de kelder, slopen en bouwde in 1720 op die plaats een nieuw huis. Dit huis werd op een omgracht terrein, de spiekerbelt, geplaatst. Het werd een vrij ondiep gebouw van twee bouwlagen onder een omgaand schilddak. Buiten de gracht kwam een voorplein met twee bouwhuizen tot stand. Sindsdien hebben twee wijzigingen aan de buitenzijde van het huis plaats gevonden. Tussen 1820 en 1841 werd aan de achterzijde een driezijdige uitbouw toegevoegd en werd het huis gepleisterd. Aan het eind van de 19de eeuw is aan de rechterkant een aanbouw gemaakt waarin een bijkeuken werd ondergebracht en een ruimte voor de waterfilter op de verdieping. Het interieur is omstreeks 1910 van 17de-eeuwse betimmeringen voorzien die voor een groot deel afkomstig waren uit Amsterdamse woonhuizen, zo is de overlevering. Vóór 1950 is de pleisterlaag weer van het huis afgehaald.
De vroegste afbeelding van de omgeving dateert van 1765. Het is een opmeting van het bezit door F. Coolen jr., die zich op het huis bevindt. Uit de kaart kan het volgende worden opgemaakt. In 1765 bestond de aanleg uit een lanenstelsel en een aantal formeel ingerichte vakken achter en opzij van het huis. Het centrale element wordt gevormd door het evenwijdig aan het huis lopende, noord-zuid gerichte Aalshorsterpad en de oost-west lopende Voor- en Achterwaterallee. Het huis bevindt zich op de kruising van beide elementen. Huis en omliggend terrein worden door een gracht omgeven. Daarbinnen ligt het huis zelf ook nog eens op een eiland binnen een gracht. Het voorterrein met de beide dienstgebouwen ligt buiten de omgrachting. Bij het huis blijkt tussen de Voorwaterallee en de huisplaats een geschulpte kom te liggen die niet in verbinding staat met de Voorwaterallee. Aan het andere eind eindigt de Voorwaterallee tegen de Heinoseweg. Ten zuiden van het huis ligt een (vrijwel geheel) omgrachte rechthoekige tuin ter breedte van de omgrachte huisplaats. De tuin is verdeeld in rechthoekige, langs een middenas gegroepeerde vakken. In het midden van de tuin bevindt zich een halve spiegelboogvormige vijver. De Marswetering kwam aan de oostzijde halverwege de tuin binnen, liep door de spiegelvijver en vervolgde zijn weg in westelijke richting via de (nog aanwezige) grote en kleine vierkante vijver. Deze situatie is heden ten dage, ondanks enige wijzigingen die hebben plaats gevonden, nog steeds zeer goed te herkennen.
Aan het eind van de 18de eeuw (1783) blijkt er sprake te zijn van een vak tegen de Heinoseweg dat het 'Engelsch Werk' genoemd wordt en een landschappelijke structuur heeft. Op dezelfde kaart staat ten zuiden van de tuin een bosperceel met slingerpaden getekend. Aan de overzijde van het Aalshorsterpad ligt het Domineesbosje.
Op de kadastrale minuut van 1820 is een belangrijke verandering te zien in vergelijking met de voorgaande situatie: de Marswetering is naar het zuiden toe omgeleid. Het beloop is nu meer naar het zuiden, om het Domineesbosje en verder in westelijke richting om vervolgens in noordelijke richting naar de oorspronkelijke bedding te worden geleid. Hierdoor kon het Engelsche Werk tot aan de Voorwaterallee worden vergroot. In de jaren daarna volgde een verdere verlandschappelijking van de aanleg. Het beloop van de grachten rond het huis en de Voorwaterallee werden golvend gemaakt, de geschulpte kom is als zodanig verdwenen en bij de Voorwaterallee getrokken en een variëteit aan bomen werd rond het huis ingeplant. Een tekening uit 1841 van de achterkant van het huis met de omgrachting door L.R. Feith uit 1841, die op het huis bewaard wordt, toont de nieuwe situatie.
De structuur van het historische park zou daarna niet meer veranderen. Alleen de invulling van een aantal vakken ondervond nog enkele wijzigingen. De inrichting van het voorplein met grasperken en buxushaagjes en een beeld op een sokkel dagtekent bijvoorbeeld van 1922. De Achterwaterallee is in 1910 aan de oostkant iets ingekort. Door een verdieping in het maaiveld is het tracé nog duidelijk waarneembaar. De Marswetering werd in 1959 voor de derde maal verlegd, waarbij de oude loop van 1765 werd afgesloten maar niet gedempt.
Omgrenzing van het complex
De historische buitenplaats maakt deel uit van het landgoed Den Aalshorst. De omgrenzing van het complex alsmede de situering van de complexonderdelen staan op de bij de bescherming behorende kaart aangegeven.
Waardering van het complex
De HISTORISCHE BUITENPLAATS DEN AALSHORST is van algemeen cultuur-, architectuur-, en tuinhistorisch belang:
- wegens de ouderdom
- wegens de ontwikkelingsgeschiedenis
- wegens de 18de-eeuwse architectuur van hoofd- en bijgebouwen
- wegens de indeling van het hoofdgebouw - wegens de aanwezigheid van 17de, 18de- en 19de-eeuwse elementen in de tuin- en parkaanleg
- wegens de relatie tussen hoofd- en bijgebouwen en de omgeving.
Eigenschappen
Functie | Hoofdcategorie | Subcategorie | Functietype | Is hoofdfunctie |
---|---|---|---|---|
Historische aanleg | Kastelen, landhuizen en parken | Tuin, park en plantsoen | oorspronkelijke functie | Ja |
Straat | Getal | Achtervoegsel | Postcode | Plaats | Locatie | Situatie | Is hoofdadres |
---|---|---|---|---|---|---|---|
Aalshorsterpad | 12 | – | 7722 JL | Dalfsen | – | BY | Ja |
Hoofdcategorie | Subcategorie | Beschrijving | Notitie |
---|---|---|---|
Kastelen, landhuizen en parken | Tuin, park en plantsoen | – | Landschapspark |
Kadastraal perceel | Kadastrale sectie | Kadastraal object | Appartement | Kadastrale gemeente |
---|---|---|---|---|
– | G | 2325 | – | Dalfsen |
– | G | 2318 | – | Dalfsen |
– | G | 2358 | – | Dalfsen |
– | G | 2197 | – | Dalfsen |
– | G | 2198 | – | Dalfsen |
– | H | 3320 | – | Dalfsen |
– | H | 862 | – | Dalfsen |
– | H | 2201 | – | Dalfsen |
– | H | 3263 | – | Dalfsen |
– | H | 838 | – | Dalfsen |
– | H | 3256 | – | Dalfsen |
– | H | 3226 | – | Dalfsen |
– | H | 3433 | – | Dalfsen |
– | H | 3432 | – | Dalfsen |
– | H | 3261 | – | Dalfsen |
– | H | 854 | – | Dalfsen |
– | H | 876 | – | Dalfsen |
– | H | 877 | – | Dalfsen |
– | H | 845 | – | Dalfsen |
– | H | 849 | – | Dalfsen |
– | H | 855 | – | Dalfsen |
– | H | 1686 | – | Dalfsen |
– | H | 3221 | – | Dalfsen |
– | H | 3227 | – | Dalfsen |
– | H | 3239 | – | Dalfsen |
– | H | 3259 | – | Dalfsen |
– | H | 3260 | – | Dalfsen |
– | H | 3265 | – | Dalfsen |
– | H | 3342 | – | Dalfsen |
– | H | 3266 | – | Dalfsen |
– | H | 3272 | – | Dalfsen |
– | H | 3319 | – | Dalfsen |
– | H | 3228 | – | Dalfsen |
– | H | 3322 | – | Dalfsen |
– | H | 3264 | – | Dalfsen |
– | H | 835 | – | Dalfsen |
– | H | 836 | – | Dalfsen |
– | H | 851 | – | Dalfsen |
– | H | 852 | – | Dalfsen |
– | H | 3146 | – | Dalfsen |
– | H | 3321 | – | Dalfsen |
– | H | 847 | – | Dalfsen |
– | H | 840 | – | Dalfsen |
– | H | 1649 | – | Dalfsen |
– | H | 3225 | – | Dalfsen |
– | H | 3262 | – | Dalfsen |
– | H | 853 | – | Dalfsen |
– | H | 3220 | – | Dalfsen |
Start | Eind | Notitie | Beschrijving |
---|---|---|---|
1644 | 1644 | – | vervaardiging |